Jodium

Het spoorelement jodium is belangrijk voor de productie van schildklierhormonen. Deze hormonen zijn nodig voor een goede groei, de ontwikkeling van het zenuwstelsel en de stofwisseling.

Jodiumtekort

De meeste Nederlanders krijgen voldoende jodium binnen via de voeding. In de schildklier zit normaliter een grote voorraad jodium. Het kan hierdoor jaren duren voordat een tekort zich openbaart. Een jodiumtekort ontstaat als te weinig of geen brood gegeten wordt, ongejodeerd of biologisch brood eet en ook geen gejodeerd keukenzout gebruikt. Bij een tekort aan jodium gaat de schildklier trager werken en opzwellen. Dit heet ook wel struma of krop. Bij kinderen leidt een jodiumtekort tot een groeiachterstand en een verminderd leervermogen en bij een groot tekort tot dwerggroei (cretinisme).

Van nature komt jodium voor in zeewier, zeevis en eieren. Toegevoegd jodium zit in gejodeerd keuken-, tafel- en dieetzout, bakkerszout, brood dat gebakken is met bakkerszout en sommige vleeswaren.

Jodiumvoorziening in gedrang?

Het bakkerszout dat door de Nederlandse bakkers wordt gebruikt is gejodeerd om jodiumtekorten bij de bevolking te voorkomen. Bakkers zijn niet verplicht dit gejodeerde zout te gebruiken, maar hebben dit met de overheid in een convenant afgesproken. Zeker 95% van de Nederlandse bakkers houdt zich aan dit convenant. Brood dat geproduceerd is in het buitenland valt niet onder het convenant. En biologisch brood evenmin, in verband met de wens van klanten. Sinds oktober 2008 zijn bakkers gestart met het vervangen van broodzout door bakkerszout, omdat wettelijk is bepaald dat sinds juni 2009 broodzout niet meer mag worden gebruikt. Het verschil tussen broodzout en bakkerszout zit hem in het jodiumgehalte. Broodzout bevatte 75-80 milligram jodium per kg zout, in bakkerszout is dit 50 tot 65 milligram jodium. De reden voor deze verlaging van het jodiumgehalte is dat bakkerszout nu ook gebruikt mag worden in andere bakkerswaren dan brood, zoals koek, cake en gebak. Om te voorkomen dat hierdoor weer een overconsumptie zou ontstaan heeft men op basis van scenarioberekeningen bepaald dat het jodiumgehalte per kg zout omlaag moest.

Brood is naast gejodeerd zout en zeevis dus een van de belangrijkste bronnen van jodium in de Nederlandse voeding. Op dit moment krijgt men in Nederland nog voldoende jodium binnen, maar de inname is sinds 2008 wel met 20 tot 25% gedaald, zo blijkt uit een rapport van het RIVM op basis van resultaten uit de Voedselconsumptiepeiling 2007-2010.
In de praktijk blijken voedingsmiddelenproducenten (van andere producten dan brood) minder vaak gejodeerd zout te gebruiken dan verwacht. Dit verklaart de gedaalde jodiuminname ten opzichte van vóór 2008. Door de reductie van het gebruik van zout in voedingsmiddelen waaronder brood, kan de consumptie van gejodeerd zout nog verder dalen. De Gezondheidsraad adviseert in haar rapport ‘Naar behoud van een optimale jodiuminname’, de jodiuminname bij de Nederlandse bevolking in de gaten te houden en op tijd maatregelen te nemen als de jodiuminname onvoldoende lijkt te worden. Bijvoorbeeld door de jodiumgehaltes in zout weer te verhogen of het verrijkingsbeleid bij te stellen.

Zes boterhammen

Zes boterhammen met 1,2% bakkerszout bevatten 145 microgram jodium. Dat is ongeveer gelijk aan de dagelijkse aanbeveling van 150 microgram.

Mensen die zelf brood bakken kunnen daarvoor het beste bakkerszout gebruiken, omdat gejodeerd keukenzout te weinig jodium bevat om te voorzien in de dagelijkse jodiumbehoefte.