Campagne gefinancierd met steun van de Europese Unie
De Europese Unie steunt campagnes
voor de promotie van
hoogwaardige landbouwproducten

Wanneer kunnen ze eindelijk switchen naar brood?

Het is al een hele stap als je baby oefenhapjes mag. Opeens smullen ze van gepureerd fruit of groenteprut. Heel leuk en spannend, maar het zou best fijn zijn als ze op den duur zelf iets kunnen eten zonder dat het zo’n intense bende wordt. Op naar vast voer!

Met die oefenhapjes begin je ergens tussen de 4 en 6 maanden, een beetje afhankelijk van hoe hongerig je baby is. Het is vooral belangrijk dat je kind rechtop zit en goed kan slikken. Met die oefenhapjes kan je kindje wennen aan nieuwe smaken. Bovendien leert het happen van een lepel en dat oefent alvast de mondspieren.

Zodra het helemaal soepel loopt, kun je uitbreiden met een korstje brood om op te sabbelen. Zo rond de 6 maanden dus, als je kind er klaar voor is. Kindjes vinden het vaak heel spannend en leuk om opeens zelf iets te kunnen pakken en eten, en bovendien is zo’n korstje een heel fijn schuurmiddel voor opkomende tandjes.

Misschien wel nog belangrijker is dat kindjes op deze manier verschillende structuren leren kennen. Hoewel je kindje nog niet genoeg tandjes heeft, lukt het wel om het korstje of stukjes brood weg te werken. Met de kaken en de tong wordt het brood keurig fijngemalen. Zo leert je baby kauwen en dat is belangrijk voor de ontwikkeling van de mondmotoriek, essentieel om de mondspieren te leren gebruiken én te leren praten.

Overigens is het natuurlijk niet de bedoeling dat je meteen begint met zo’n enorm knapperige broodkorst met allerlei pitten en zaden. De allerkleinsten kunnen het beste beginnen met licht bruinbrood, zonder pitjes of hele korrels. Eerst een stukje korst, en later een boterham gesneden in kleine stukjes. Beleg is in het begin echt niet nodig. Een beetje margarine is voldoende.

Gaan die eerste stukjes brood er goed in? Dan kun je kiezen voor een beetje smeerbaar beleg. Het Voedingscentrum raadt wel aan op te passen met een paar belegsoorten, waarvan veel mensen denken dat het geen kwaad kan. Smeerworst bijvoorbeeld bevat veel zout, verzadigd vet en vitamine A. Een teveel daarvan is niet goed voor je kind. Ook smeerkaas of gewone kaas bevat veel verzadigd vet en zout. En ook honing wordt afgeraden. Honing kan besmet zijn met een bacterie waar kinderen tot 1 jaar erg ziek van kunnen worden.

Wil je écht iets lekkers en gezonds op het bammetje van je kleintje smeren naast margarine? Kies dan bijvoorbeeld voor zuivelspread, notenpasta of pindakaas zonder zout en suiker, geprakte avocado, aardbeien of banaan. Succes verzekerd, én nog hartstikke gezond ook!

Als het eten na een poosje soepel gaat, is het tijd voor het echte werk. Wat een feest! Vanaf 8 maanden kun je een maaltijd vervangen door een broodmaaltijd. En dat mag dan zélfs met fijn volkorenbrood. Vanaf een jaar of 1 kan je kindje elke dag mee-eten met twee broodmaaltijden. En je kunt dan gewoon de broodsoorten kiezen die je zelf het lekkerst vindt, inclusief grof volkoren-, spelt- of meergranensoorten mét pitjes en zaden. 

 

TrefwoordenKinderen